Nathalie test de EnviLiv Advanced Pro Di2, een racer die veel vrouwen blijkt aan te spreken en niet alleen vanwege het mooie kleurtje. Het is een high-end aero racer met een buitengewoon vette én lichte carbon Cadex wielset met 50 mm hoge velgen. Inclusief Shimano Ultegra Di2 groepset 2×12 groepset met powermeter komt deze uitvoering op € 6.599. 1 op de 3 fietsers is vrouw Alleen al door de looks was ik direct enthousiast, maar zoals dat bij een goede fietstest hoort, moest de EnviLiv zich natuurlijk wel op de weg bewijzen. En dat deed ze. Maar voordat ik verder uitweid over mijn ervaringen met deze opvallende racer, eerst een klein stukje geschiedenis. Te beginnen met een quote van Bonnie Tu, oprichtster van Liv Cycling:“Het vrouwenwielrennen groeit wereldwijd, en we willen ervoor zorgen dat atleten die we ondersteunen alle mogelijkheden krijgen om succesvol te zijn.” Inmiddels is ruim 33% (één op de drie) van alle sportieve fietsers in Nederland vrouw. Een flinke stijging ten opzichte van 20% in 2014, zo blijkt uit cijfers van de Nederlandse Toer Fiets Unie (NTFU). Waarom een fiets speciaal voor vrouwen? Het merk Liv is een zustermerk van Giant, speciaal voor vrouwen opgericht in 2008. Het doel was om de fietssport toegankelijker te maken voor vrouwen, en dan niet door een herenfiets roze te spuiten. Kleur is immers helemaal niet gender gebonden, maar door frames en onderdelen te ontwerpen op basis van de specifieke anatomie van het vrouwelijk lichaam. Die strategie roept regelmatig vragen op. Want je hebt niet één type vrouw of één type man. Is een speciale vrouwengeometrie dan echt nodig? Om dit te onderzoeken ben ik wat dieper in de materie gedoken. Liv noemt vier belangrijke punten waarop de geometrie en af montage van haar fietsen zijn afgestemd. 1. Optimalisatie van de gewichtsverdeling Uit biomechanisch onderzoek blijkt dat vrouwen statistisch gezien een groter deel van hun spiermassa en kracht uit het onderlichaam halen. Dat beïnvloedt de manier waarop een vrouw haar balans op de fiets houdt. Liv past onder andere de hoeken van de framebuizen en de positie van de trapas hierop aan, zodat de rijdster goed gecentreerd op de fiets zit, voor meer stabiliteit en een efficiëntere krachtoverbrenging. Of je zo’n verschil daadwerkelijk voelt, is natuurlijk een interessante vraag. Mijn antwoord na een aantal ritten op de EnviLiv? Ik durf het niet hard te maken maar naast dat ik me erg sterk voelde werd het ook opgemerkt door mijn clubgenootjes tijdens een clubrit. 2. Kortere reach en een aangepaste zithouding Vrouwen hebben gemiddeld een iets kortere torso en kortere armen in verhouding tot hun totale lichaamslengte. Een Liv-frame heeft daarom vaak een kortere reach: de horizontale afstand van het zadel naar het stuur. Je hoeft daardoor minder ver te reiken, wat druk op rug, schouders en nek kan verminderen. De EnviLiv heeft tegelijkertijd een relatief diepe, sportieve zit. Op papier klinkt dat misschien als een tegenstelling, maar op de fiets blijkt het verrassend goed uit te pakken. Ik kan behoorlijk diep zitten en toch blijft de houding tijdens langere duurritten comfortabel. Ook na uren fietsen krijg ik geen last van mijn onderrug of polsen. Nog even over de maat De testfiets was een maat M. Met mijn 178 centimeter zit ik bij Liv precies op de grens tussen een M en L. Op de foto’s oogt de EnviLiv daardoor misschien wat aan de kleine kant, maar tijdens het fietsen heb ik daar geen moment last van gehad. Mijn ervaring met de M is dan ook positief: compact van uiterlijk, maar zeker niet te klein. Wie tussen twee maten in valt, doet er uiteraard goed aan beide maten te proberen. 3. Maatspecifieke stijfheid Een extreem stijf frame kan voor een lichtere berijdster juist oncomfortabel aanvoelen en nerveus sturen. Omdat vrouwen gemiddeld minder wegen dan mannen van dezelfde lengte, past Liv de carbon lay-up hierop aan. De manier waarop de carbonvezels in het frame worden toegepast, moet ervoor zorgen dat ook kleinere framematen de juiste balans hebben tussen stijfheid en comfort. Bij de EnviLiv merk ik vooral dat de fiets heel direct reageert. Geef je kracht op de pedalen, dan lijkt de fiets dat onmiddellijk om te zetten in snelheid. Dat valt vooral op wanneer je wilt versnellen of wanneer je omhoog fietst. De fiets is bovendien superlicht. Daardoor voelt het bijna vanzelfsprekend om vanuit een bocht aan te zetten, een heuveltje vol gas op te rijden of onverwacht een sprintje te trekken richting een straatnaambord.Dat laatste gebeurde me letterlijk op zo’n beetje de enige heuvel in de polder: de Knardijk. Zonder dat ik bewust op zoek was naar een sprint, belandde ik op dit segment op een vijfde plaats voor het Strava-segment ‘Hill sprint Knardijk’. 4. Specifiek geselecteerde componenten Het verschil zit tot slot niet alleen in het frame, Liv kijkt ook naar de componenten. Denk aan een breder dameszadel, afgestemd op de gemiddeld bredere stand van de vrouwelijke zitbotjes. Een smaller stuur dat past bij een gemiddeld smallere schouderbreedte. Het geïntegreerde aerostuur is per framemaat 20 tot 30 millimeter smaller dan bij Giant. Daarmee wordt het frontale oppervlak kleiner en kan de luchtweerstand verder worden beperkt. Kortere crankarmen per framemaat en ook de Ultegra remgrepen zijn qua reikwijdte in te stellen zodat je met kleinere handen gemakkelijker bij de remmen kunt komen. Op papier zijn het misschien kleine details en er wordt zoals altijd uitgegaan van gemiddelden. Dat kan voor jou dus net anders zijn, misschien heb je wel lange armen en een lang bovenlijf en pas je beter op een Propel dan op een EnviLiv. Hoewel het kleine details zijn, tijdens lange ritten zijn juist dit soort details wel bepalend voor hoe een fiets aanvoelt. Aero is meer dan een marketingterm De nieuwe EnviLiv is de pure aero-racefiets van Liv, speciaal ontworpen voor prestatiegerichte wielrensters, op zoek naar maximale snelheid. De fiets is gebouwd om zo efficiënt mogelijk door de wind te snijden. De framebuizen hebben een afgeplatte, elliptische vorm die de luchtweerstand bij verschillende windhoeken moet minimaliseren. Zelfs de meegeleverde bidonhouders zijn aerodynamisch in het ontwerp geïntegreerd. De EnviLiv deelt veel technologie met haar bekende broer, de Giant Propel. Toch verschilt ze wezenlijk op het gebied van pasvorm. De Liv heeft een hogere stack en kortere reach. Hierdoor kunnen vrouwen die gemiddeld een kortere torso hebben toch aerodynamisch diep zitten zonder zich te hoeven overstrekken. En dan de praktijk: de polder in Technische verhalen zijn interessant, maar uiteindelijk wil ik vooral weten hoe een fiets zich gedraagt op mijn favoriete wegen. Daarvoor is mijn vaste blokje door de polder een uitstekende test. Er staat regelmatig een stevige wind en juist onder die omstandigheden komt het aero-karakter van de EnviLiv goed tot zijn recht. De fiets snijdt werkelijk door de harde polderwind. De carbon wielset met zijn platte carbon spaken en de aerodynamische smalle cockpit dragen daar ongetwijfeld aan bij. Tegelijkertijd merk je bij stevige wind dat je met zo’n hoge wielset alert moet blijven. Zeker wanneer de wind van opzij komt, houd ik beide handen stevig aan het stuur. Geen reden om de wielset te laten staan, maar wel iets om rekening mee te houden wanneer de wind aantrekt. Het meest opvallende vond ik echter wat er met mijn gemiddelde snelheid gebeurde. Op mijn vaste rondje fiets ik met deze Liv gemakkelijk gemiddeld sneller dan normaal, zonder dat ik daarvoor bewust meer vermogen hoef te leveren. Ook mijn hartslag loopt niet ineens omhoog. Dat vind ik misschien wel één van de interessantste eigenschappen van de EnviLiv, ze lijkt mij snelheid cadeau te geven. Licht, snel én comfortabel Een aero racefiets wordt al snel geassocieerd met zenuwachtig, hard en compromisloos. De EnviLiv verrast me echter op het gebied van comfort. Ze sjeest gemakkelijk over steeds ruwer wordend asfalt. En ook op een stukje klinkerweg geeft de EnviLiv een verrassend zeker gevoel, dat terwijl er 28mm banden onder zitten. Wil je nog meer comfort en grip, dan kun je tot 32 millimeter gaan. De zit is diep en duidelijk gericht op snelheid, maar levert tijdens lange ritten geen problemen op met mijn rug of polsen, ondanks de diepe en sportieve zithouding. Dat is precies de combinatie die ik prettig vind: een fiets die je uitnodigt om hard te gaan, maar die je niet na een paar uur fietsen afstraft. Onverwacht competitief Het lage gewicht maakt de fiets bovendien bijzonder levendig. Een sprintje vanuit stilstand? Even aanzetten na een bocht? Een helling op? De EnviLiv reageert direct. Dat zorgt ervoor dat je vanzelf wat harder gaat fietsen. Dat merkte ik ook tijdens ritten waarop ik eigenlijk helemaal niet van plan was om prestaties te leveren. Voor ik het wist, was er een sprintje, een klimmetje of een stukje waar ik toch even wilde doortrekken. De fiets nodigt simpelweg uit om te spelen. Deze EnviLiv is bovendien uitgerust met een powermeter. Die zit overigens niet standaard op iedere uitvoering, maar op mijn testfiets bleek het een leuke extra. Want zodra je tijdens het fietsen je vermogen kunt zien, begint het natuurlijk te kriebelen. Voor ik het wist, daagde de EnviLiv me uit tot een FTP-test. Op de lokale segmenten heb ik vervolgens flink wat Strava-bekertjes binnengeharkt. Niet omdat de fiets mij automatisch sneller maakt, maar vooral ook omdat zij het aantrekkelijk maakt om te kijken wat er nog meer in zit. Wat een fietsplezier, ik noemde haar thuis gekscherend het paarse racemonster. Drie uitvoeringen De EnviLiv is leverbaar in verschillende uitvoeringen: EnviLiv Advanced SL, € 12.499 – het absolute topmodel voor wedstrijden. Deze uitvoering heeft een geïntegreerde zadelpen, waarbij de zadelpen als een vast, afgezaagd verlengstuk van het frame deel uitmaakt van de fiets. Dat levert gewichtsbesparing en maximale stijfheid op, maar maakt het ook lastiger de fiets weer te verkopen als je de zadelbuis eenmaal wat laag hebt afgezaagd. EnviLiv Advanced Pro, vanaf €5.199 – Deze heeft een traditionele, verstelbare aerozadelpen, een lichte carbon wielset en hoogwaardige componenten. de Pro 0 variant die ik heb getest kost € 6.599. De Pro 1 komt met een Rival AXS groepset en goedkopere wielen. EnviLiv Advanced, vanaf € 2.999 – de meest toegankelijke variant, uitgerust met een betrouwbare elektronische of mechanische groepset. Een interessante keuze voor fanatieke toerrijders of beginnende wedstrijdrensters. De Advanced 2 heeft een mechanische 105 groepset en aluminium wielen. De Advanced 1 komt met een 105 Di2 elektronische groepset en carbon wielset voor € 4.399. Kleine schoonheidsfoutjes Is de EnviLiv dan 100% perfect? Nee! Juist bij een fiets in deze prijsklasse verwacht ik dat ook de details tot in de puntjes zijn afgewerkt. En daar liggen wat mij betreft nog verbeterpunten. Het stuurlint bijvoorbeeld. Dat laat tijdens mijn eerste testritjes al relatief gemakkelijk los en gaat bovendien vrij snel rommelig zitten rond het fijne, kleine aerodynamische stuur. Dat is jammer, want juist zo’n strak geïntegreerde cockpit verdient een nette afwerking. Dit gebeurde trouwens ook met de Giant Revolt die Edwin laatst testte, kennelijk kan Giants eigen stuurlint wel een iets sterkere plakstrip gebruiken. Ook de kleine rubberen beschermingsdopjes van de Shimano ontluchtingsnippels op de remklauwen verdienen wat aandacht. Tijdens een grondige wasbeurt raak je ze gemakkelijk kwijt. Het zijn kleine details, maar bij een high-end fiets vind ik juist dit soort afwerkingspunten belangrijk. En dan is er nog het geluid van de ratel vanuit de hub/naaf. Die is behoorlijk luid en eerlijk gezegd vond ik het soms best irritant. Zeker wanneer je langere tijd aan het uitrollen bent, is het ratelende geluid nadrukkelijk aanwezig. Maar hier zit ook een onverwacht voordeel aan. Andere weggebruikers horen je heel duidelijk wanneer je achterop fietst. Op sommige momenten heb ik zelfs het idee dat mensen de ratel beter horen dan een fietsbel. Even de benen stilhouden en de naaf begint flink te ratelen: mensen weten dat er “een fietser” achter hen zit en anticiperen hierop. Wat mij betreft dus een typisch geval van een eigenschap met twee kanten. Irritant als je er zelf naar moet luisteren, maar vanuit veiligheidsoogpunt eigenlijk best handig. Het zijn geen zaken die het rijplezier aantasten, maar ze voorkomen wel dat ik de EnviLiv op het gebied van afwerking een perfecte score kan geven. Toch nog even over die kleur… Voor deze test reed ik op de EnviLiv Advanced Pro in de prachtige Ember Violet kleurstelling. En ja, daar valt simpelweg niet omheen te draaien: de kleur van de fiets trekt aandacht. Onderweg wordt er gekeken en tijdens een koffiestop blijkt ‘mijn’ EnviLiv al snel een gespreksonderwerp. Ze trekt de aandacht van een clubje racefietsdames met haar uiterlijk; ze zetten haar zelfs op de foto. En eerlijk is eerlijk: dat is ook hoe mijn eerste kennismaking met de EnviLiv begon. Ik was enthousiast vanwege haar looks. Maar na de nodige kilometers is de kleur absoluut niet meer de belangrijkste reden waarom ik enthousiast ben. De combinatie van het lage gewicht, de aerodynamica, de geweldige velgen, de comfortabele maar diepe zit en de directe rijeigenschappen maakt van de EnviLiv Advanced Pro een fiets die je uitnodigt om steeds net een beetje harder, verder en zeker ook fanatieker te rijden. De vraag of een specifieke vrouwengeometrie écht verschil maakt, kan ik op basis van mijn N=1 ervaring natuurlijk niet zo één, twee, drie wetenschappelijk onderbouwen. Maar na lange duurritten zonder lichamelijke klachten, met hogere gemiddelde snelheden, zonder merkbaar extra vermogen, durf ik wel te zeggen dat Liv iets bijzonder goed heeft gedaan met haar nieuwe aero model. En misschien, heel misschien, zit er dan toch een kleine kern van waarheid in die vrouwengeometrie. En als die waarheid er zo uitziet én zo rijdt: doe mij dan maar een Liv! Alleen dat stuurlint, dat mag van mij de volgende keer wat beter blijven zitten. Meer informatie: liv-cycling.com/nl/.
De Gobik X bib short, met K9 chamois is een fietsbroek voor dames, met speciale sluiting aan de achterkant waarmee het maken van een sanitaire stop geen complete verkleedpartij zou moeten worden. We testten de broek in de praktijk, met hoge nood! Toen ik acht jaar geleden steeds serieuzer begon te fietsen, hoorde daar naast een helm natuurlijk ook een fietsbroek met zeem bij. Dat had ik zo lang mogelijk uitgesteld, want ik vond dat je er alleen maar een dikke kont van kreeg. De voordelen bleken uiteindelijk echter veel groter dan de nadelen. Met enige overredingskracht wist mijn vriendin Diane me ervan te overtuigen om zónder onderbroek in een fietsbroek te stappen. Want ja, in een fietsbroek draag je nu eenmaal géén onderbroek, om schaafwondjes en drukplekken te voorkomen en de zeem zijn werk te laten doen. Inmiddels heb ik al aardig wat fietsbroeken én zemen versleten. Plassen kan een hele onderneming zijn Brede zemen, smalle zemen, dikke en dunne varianten, de één blijkt meer geschikt voor lange duurritten, terwijl de andere beter presteert tijdens het gestuiter op mijn mountainbike. Tijdens langere ritten is een pitstop soms onvermijdelijk. “Maar daar heb je toch juist die zeem voor?” merkte een niet-fietsende vriendin ooit op. Helaas is zelfs de beste zeem daar niet tegen bestand. Als er geplast moet worden, dan moet die broek even naar beneden. En juist wanneer je, net als ik, het liefst een broek met bretels draagt omdat die zo prettig op zijn plek blijft zitten, wordt zo’n sanitaire stop voor dames een hele onderneming. Eerst op zoek naar een toilet. Handschoenen uit, helm af, shirt met gevulde achterzakken uit, ondertussen opletten dat er niets in het toilet valt, bretels naar beneden… Pfff. Dat moet toch eenvoudiger kunnen? Gelukkig hebben de verschillende fabrikanten van fietskleding dat ook bedacht. Zo zijn er inmiddels speciale ‘plasbroeken’ voor dames ontwikkeld, waarmee een sanitaire stop een stuk minder omslachtig wordt. De oplossing verschilt per merk: een rits achterop, verstelbare bretels of een constructie waarbij de bretels aan de voor- of achterkant losgemaakt kunnen worden. Allemaal met hetzelfde doel, je fietsbroek kunnen laten zakken, zonder je shirt uit te hoeven doen en dus minder gedoe tijdens een tussenstop. Gobik kiest voor magneet Deze zomer heb ik gekozen voor de X K9 van Gobik. Een fietsbroek die ontworpen is voor intensieve trainingen, lange duurritten en wedstrijden. De ademende stof zorgt ook tijdens de warme zomerdagen die we deze zomer hebben gehad, met temperaturen die oplopen boven de 30 graden, voor een langdurig fris en droog gevoel. De stof voelt aan als een tweede huid, is extreem zacht en biedt een aangename, lichte compressie. De pijpjes sluiten zoals beloofd naadloos aan op je bovenbenen zonder af te knellen of op te kruipen. Het gebruik van siliconen grippers blijkt niet nodig en dat voorkomt afdrukken of een geïrriteerde huid na afloop van je fietstocht. De Gobik X bib voor dames is uitgerust met de K9 Graphene-zeem van Elastic Interface en daar ben ik erg over te spreken, de zeem blijft comfortabel voelen, ook tijdens de langere ritten. Het gebruik van grafeengaren blijkt een mooie toevoeging. Het helpt de groei van bacteriën remmen, draagt bij aan een goede warmteregulatie en het maakt de stof sterker en hierdoor duurzamer. En, groot pluspunt, deze broek is voorzien van brede bretels met een magnetische sluiting op de rug, waardoor een sanitaire stop een stuk eenvoudiger wordt. Al vraagt het wel enige handigheid om de magneetsluiting na afloop weer achter je rug op de juiste plek vast te klikken. En als je de sluiting iets te enthousiast losschiet bij hoge nood, ben je vervolgens op de tast op zoek naar je bretels, die ergens in je nek hangen, of je vraagt je fietsmaatje om hulp. Hoewel ik een groot fan ben van de fietskleding van het opkomende Spaanse merk Gobik, zette het schrijven van dit stuk me ook aan het denken. Waarom heeft Gobik voor vrouwen slechts twee verschillende zemen ontwikkeld, terwijl mannen kunnen kiezen uit vier varianten? Gaan ze er bij Gobik misschien nog steeds vanuit dat vrouwen geen ritten van langer dan acht uur maken Hopelijk komt daar in de toekomst verandering in. Want ook vrouwen zitten tegenwoordig gerust lange dagen in het zadel en verdienen daarbij net zoveel keuze, als je het mij vraagt. Type: Gobik X K9Maten: van XXS t/m XXLPrijs: €150,-Meer info: gobik.com
Je was oprecht mijn meest ultieme fietsavontuur in Nederland. Vijf dagen lang genoten we van offroad wegen op de grenzen van Limburg. Door Nationale Parken, over prachtige heuvels, langs de Maas, door pittoreske dorpjes en Maastricht én door drie landen, Nederland, België en Duitsland. Inpakken en vertrekken Altijd die inpakstress, wat is essentieel als je 5 dagen onderweg bent met diverse weersvoorspellingen. Hoe pak je niet te zwaar en voorkom je tegelijkertijd misgrijpen onderweg. Is één onderbroek genoeg of doen we er toch voor de zeker 2 in je tas. Wanneer draag je nou een onderbroek wanneer je de hele dag op de fiets doorbrengt? De gezichtscrème, zonnebrand en chamois gaan in kleine potjes. Even goed onthouden dus wat waar in zit, anders smeren we straks per ongeluk billencrème op ons gezicht. We hebben de ruim 500 km van de route opgedeeld in 5 dagen zodat het geen afzien wordt op onze mountainbike, maar vooral genieten van de omgeving. De logeeradressen, voornamelijk via Vrienden op de Fiets, liggen vast. Dat geeft rust en zekerheid. Kristel heeft de routes per dag aangemaakt in Komoot, door ons startpunt hebben we een iets andere verdeling dan voorgesteld wordt op de website van Episch Limburg. Dag 1: Cuijk – Molenbeersel | 129 km | 132 hm | 6:10 uur Om 7:00 uur plaats ik de fietsendrager en mtb achterop de auto om Kristel op te halen. Zodra de twee fietsen achterop staan en de bikepacktassen in de achterbak liggen is het tijd om te gaan. Het waait hard (iets met een fietsendrager trauma) dus ik haal pas weer opgelucht adem als we op de parkeerplaats bij van der Valk in Cuijk aankomen. We doen nog even een snelle plaspauze en kleden ons op het toilet om, nu kan ons fietsavontuur beginnen. De fietsendrager gaat achterin en de auto op slot, tot over 5 dagen Mini! Wanneer je eindelijk rolt, valt direct alle spanning van je af. De route start officieel na 5 km vanaf de brug over de Maas bij Milsbeek. De fietspaden worden al snel verruild voor fraaie gravelpaden in een licht glooiend landschap. We passeren het mooie historische vestingstadje Gennep, strategisch gelegen tussen de Maas en de Niers. We steken opnieuw de Maas over en fietsen verder naar het beneden langs de Maas. Sneller dan verwacht worden we verrast door het Oorlogsmuseum Overloon. Het blijft bijzonder dat je hier als fietser gratis doorheen mag fietsen. Tijd voor een eerste bakkie fietsbenzine: koffie. Het is al behoorlijk warm rond 12:00 uur maar die eerste 40 km vlogen om, over soepel rollend gravel en groene grasstroken. De soms noodzakelijke kleine stukjes verhard (fiets)pad worden gecompenseerd door verrassend smalle slingerende singletracks in het bos en kruip door, sluip door, houtsingels langs de akkers. Vanaf Overloon fietsen we het Nationaal Park De Groote Peel in. Een enorm weids en waterrijk hoogveengebied van 1.410 hectare. We fietsen langs heidevelden, zandruggen, stukken bos, kleine en grote waterplassen. Weg van de snelle moderne wereld, door een uitgestrekt gebied met maar weinig autowegen. Omringd door de roep van heel veel vogelsoorten. Ik moet, als fietsende vogelaar, toch eens op zoek naar een kleine verrekijker voor op de fiets. We hebben te maken met een straf windje vanuit het zuiden, dat haalt het tempo er wel een beetje uit op sommige stukken. Maar hij herinnert ons ook aan de afspraak dat we zouden gaan voor genieten boven snelheid! In het uit de turf geboren dorpje Helenaveen in de Peel treffen we een verrassend terrasje bij hotel en eetcafé In d’Ouwe Peel. De lunch, een broodje Kortooms: kip met truffelmayo en de grote ijskoffie verbranden we de laatste 50 km nog wel. We fietsen grotendeels door de natuur en komen weinig tot geen andere mensen tegen op de fiets, wat is het heerlijk rustig hier. We zitten over de 100 km inmiddels hoog tijd voor vlaai want we zijn tenslotte in Limburg. Bij het bord “Wij serveren overheerlijke vlaai op ons terras” knijpen we hard in de remmen om vervolgens te horen dat er geen vlaai meer is. Na een drankje op het terras fietsen we, enigszins teleurgesteld, verder. We begeven ons ondertussen op de grens tussen Nederland en België. En dan treffen we de eerste grenspaal met de tekst “De grens alleen nog maar een streep”. In Stramproy halen we boodschappen, het is nog maar een klein stukje naar ons eerste logeeradres bij Vrienden op de Fiets. We rijden er enthousiast aan voorbij, terwijl ook de gastheer die buiten in de tuin bezig was niet gelijk door heeft dat wij de fietsers zijn die bij hem geboekt hebben. Hij zegt, “ik heb geloof ik nog nooit mensen op zo’n sportieve fiets ontvangen, zit daar een motortje in?” Na de korte kennismaking laat hij ons onze slaapplek zien. De fietsen kunnen in een schuurtje achter slot en grendel en wij verblijven in een klein huisje dat vastzit aan de woning van de gastheer. In de laatste zonnestralen drogen we onze, nog even vlug uitgewassen, fietskleding. Nog even de fiets poetsen, de ketting waxen en dan vermoeid, maar voldaan, naar bed. Meer fietsroutes in Limburg? Je vindt ze hier! Dag 2. Molenbeersel – Noorbeek | 117 km | 777 hm | 5:57 uur Na een beetje een onrustige nacht worden we bij onze studio door de gastvrouw verrast met een uitgebreid ontbijt: brood, kaas en vleeswaren, eitje, fruit en yoghurt. Vandaag hebben we twee doelen: Noorbeek halen en vlaai eten. We vertrekken richting Maastricht. Over stoffige oude verbindingswegen, die misschien wel 100 jaar oud zijn, fietsen we verder langs de grens met Nederland en België. De eerste grenspaal die we vandaag tegenkomen heeft nummer 146. Het aftellen naar nummer 1 is nu echt begonnen. We fietsen, opnieuw grotendeels met tegenwind, steeds zuidelijker langs de Maas door de Maasvallei. Langs Kessnich, een typisch Belgisch Limburgs dorp met een divers natuurgebied gevormd door de Maas en de mens. Door overstromingen van de Maas werd de bedding telkens verlegd en zo ontstonden er vruchtbare gronden en grote waterrijke gebieden (broeken) waar we door en omheen slingeren met onze fiets. Voordat we bij Berg aan de Maas de pont pakken en de Maas oversteken is het tijd voor vlaai. Keuzestress, maar sharing is caring dus het wordt een halfje citroen-merinque en een halfje abrikozenvlaai. Na de pont komen we op een lang pad, waar we kunnen kiezen tussen behoorlijk grof gravel en een glad geplaveid fietspad. We zijn de gravelroute aan het doen, dus we stunten en stuiteren voort over de grote stenen. De omgeving begint meer te glooien en links van ons zien we de contouren van de Sint-Pietersberg opdoemen. We naderen Maastricht waar we willen lunchen. In de stad is het druk, we besluiten daarom snel door te fietsen en de rust weer op te zoeken. Na Maastricht beklimmen we de Sint Pietersberg en worden daarna beloond met een snelle afdaling. Sjoef, wat is het prachtig hier! Sommige paadjes lopen ergens achterlangs of tussendoor, Kristel voorkomt op een smal stuk nog net dat ze in het prikkeldraad belandt. Na wat trappetjes bij de watermolen volgt een eerste pittige klim. Ik start as usual te enthousiast en bluf me glimlachend voorbij een afdalende wandelaar. Om vervolgens, net niet bovenaan, uit te moeten klikken omdat de benen zijn volgelopen. Het is inmiddels 15:00 uur en hoog tijd voor de lunch. In Kanne treffen we een terrasje waar we onze trek stillen met toast en een gebakken ei. Op het terras dommel ik weg, ik zou zo in slaap kunnen vallen. Dit heb ik nooit, maar het zal de trek, de venijnige klim en de temperatuur zijn. Vandaag is het namelijk echt broeierig warm. Na het eten hebben we nieuwe energie voor het laatste stuk. We steken het Albertkanaal over en fietsen langs Fort Eben-Emael, een voormalig verdedigingswerk, met ondergrondse gangen en bunkers. Wij klimmen bij het fort weer omhoog naar het plateau van Caestert in België. Waar we boven genieten van prachtige panorama’s en een weids uitzicht over het landschap. Boven op de berg slaat het weer helaas om, naar onweer en regen. Tussen de houtwallen en in het open veld is dat best een beetje spannend. We besluiten heel even te schuilen en zodra het onweer in geluid afneemt fietsen we verder richting het eindpunt van dag 2, Noorbeek. In Noorbeek stuiten we op een afsluiting in het dorp, de Meiboomviering vindt plaats. Op een wagen met meerdere grote trekpaarden ervoor ligt de meiboom, ofwel Den van Sint Brigida, die traditioneel gehakt is door een groep ongetrouwde mannen. Hij wordt door hen op het dorpsplein geplaatst en zou vruchtbaarheid en voorspoed voor deze mannen bevorderen. Deze eeuwenoude traditie van het halen van die Den in Zuid-Limburg staat op losse schroeven. Volgens Staatsbosbeheer geeft het jaarlijks kappen van een fijnspar en het verplaatsen hiervan naar het dorp veel schade aan de natuur. Na de korte omleiding om de stoet heen belanden we vies en modderig bij het hotel. Ik moet even schakelen wanneer ik hoor dat de fiets in een openbaar schuurtje komt te staan, ik ben er echt vreselijk zuinig op. Na hem te hebben gereinigd en gewaxt, zet ik hem met mijn slot vast in het schuurtje. Loslaten maar, het is hoog tijd om zelf te douchen en wat te gaan eten. We belandden in een gezellig restaurantje en na ons eten, Limburgs stoofvlees, lusten we ook nog wel een stuk vlaai als toetje! Dag 3. Noorbeek – Schinveld | 79 km | 1.111 hm | 4:25 uur Na het ontbijtbuffet is het tijd om onze fietsen uit de stalling bij het hotel te halen, we knopen alle tassen weer op onze fiets en kijken enorm uit naar deze dag, deze etappe heeft de meeste hoogtemeters van de vijf. We starten bij grenspaal 23, net buiten Noorbeek, en beginnen direct met klimmen over onverharde veldwegen in het typisch Zuid-Limburgse landschap. In de lucht zweven regelmatig grote buizerds. We komen weinig tot geen andere niet-elektrische fietsers tegen, behalve een enkele gravelaar. Door de regen van afgelopen nacht zijn de klimmetjes nat, soms slippery en nog verder uitgesleten. Ik ben blij met mijn brede noppenbanden. De pittig steile stukjes, soms wel 13%, maken het allemaal nog uitdagender. Wandelaars die naar beneden lopen moedigen ons keer op keer aan en spreken hun bewondering uit. Dalen met tassen is hiernaast ook een kunst. Je gebruikt je dropper niet, dus met slepende remmen en de billen ver achterop het zadel glijden we op de steile stukken naar beneden. Ergens tussen Vijlen, Epen en Vaals op 260 meter hoogte is het tijd voor onze eerste koffiestop bij Boscafé ’t Hijgend Hert. Hier ontdek ik dat ik mijn fietsslot bij het hotel heb laten liggen. Gelukkig hangen er bij deze berghut sloten die je mag lenen wanneer je daar geniet van een lekker bakkie koffie, terwijl je uitkijkt over de idyllische omgeving en een kleurrijke beestenboel met een vermakelijke pauw. We fietsen verder door uitgestrekte bossen en belanden via typische holle wegen (diepe en uitgeholde wegen als gevolg van erosie) steeds dichter bij grenspaal nummer 1. De lucht betrekt wanneer we beginnen aan de klim bij het Drielandenpunt. Boven gekomen schieten we heel snel een plaatje, want het gaat zachtjes aan steeds harder regenen, we besluiten vlug door te fietsen. Fietsend hebben we gelukkig weinig last van de regen, omdat we grotendeels beschut rijden. De ondergrond wordt op sommige stukken opnieuw erg glibberig, maar dat maakt het alleen maar avontuurlijker. De grenspalen tussen Nederland en Duitsland zijn een stuk minder fraai, zou dit met de geschiedenis te maken hebben? Bij de rivier de Worm bij Rimburg worden we echter verrast door twee grote bronzen schildpadden die aan beide kanten van de brug staan, de oostelijke staat in Duitsland, de westelijke in Nederland. Deze kunstzinnige schildpaddenbrug staat symbool voor de gegroeide vriendschap tussen beiden landen. Het laatste stuk van de route richting Schinveld gravelen we vlot over schitterende, zachte grindpaden op de Tevenerheide. Een groot natuurgebied waar heide, bossen en vennen elkaar afwisselen. Besmeurd komen we aan bij een hartelijke en bijzonder gastvrije dame uit Maastricht. We mogen onze, echt vreselijk vieze, fietsen afspuiten met de tuinslang. Waarna we onze logeerkamer op de 2e verdieping krijgen te zien en heerlijk kunnen douchen in onze eigen badkamer. Veel zin en puf om ergens te gaan zitten hebben we niet meer, dus we besluiten een pizza af te halen. Bij de lokale shoarmatent krijgen we te horen dat er altijd knoflooksaus op moet. Zonder mogen we niet vertrekken, dus nemen we de saus braaf mee. Om deze vervolgens vlug weg te gooien in de eerste de beste prullenbak. Brrr, pizza met knoflooksaus, misschien ligt het aan ons. In het laatste beetje zon genieten we van de veel te vette pizza en sluiten dag 3 af. Dag 4. Schinveld – Arcen | 124 km | 360 hm | 5:49 uur Na een heerlijk ontbijt met verse aardbeien en earl-grey thee met steranijs, dat blijkt echt een topcombinatie, gaan we goed gevoed weer op weg. We passeren een kabouterbos en aspergevelden waar de asperges nog traditioneel met de hand geoogst worden. We fietsen grotendeels aan de Duitse kant van de grens door uitgestrekte ongelooflijk groene bossen. De weermannen zitten er vandaag gelukkig naast, het blijft de hele dag droog. Voor een eerste dringende plaspauze stoppen we bij een Café Dancing waar de discobol nog draait en de stamgasten alweer aan hun eerste drankje zitten, op maandagochtend. Het blijkt een veel bezochte discotheek, Waldelust, voor 50-plussers uit de regio te zijn. Voor filmpjes verwijst de eigenaar ons naar YouTube. Het toilet zit onder de zwarte brandplekken van de peuken, misschien waren de bosjes frisser. Na ons bakkie trappen we snel door. We fietsen door een voormalig Brits militair oefenterrein en munitiedepot in het Brachter Wald. Sinds het vertrek van defensie is dit een beschermd natuurreservaat. We komen soms weer kilometerslang geen mens tegen. De route heeft overigens een grote overlap met de Geile Strecke. Deze Geile Strecke blijkt precies wat de naam doet vermoeden: een breed en bijna eindeloos lint van grind midden in de natuur. Het doet je fietsershart overlopen van geluk. Bijna op bestemming doen we nog een drankje bij Graanbranderij de IJsvogel, een ambachtelijke distilleerderij die nog zelf haar alcohol stookt. Bij de koffie krijgen we een klein likeurtje om te proeven. Rond etenstijd arriveren we op alweer ons laatste logeeradres. Achter het hoge hek bij deze toch wel indrukwekkende villa, met schitterende tuin en zwembad, staan vijf Vizsla Draadhaar honden te stuiteren. De 70 jarige eigenaresse biedt ons aan om gellijk een duik te nemen in het zwembad. Dat we geen bikini bij ons hebben en vies en zweterig zijn vind ze geen probleem. Wat haar betreft duiken we er gelijk in. Met een druk op de knop schuift ze het doek mechanisch open. En zo zwemmen wij voorafgaand aan het eten een paar baantjes, wat een weldaad en luxe. Na het eten worden ook de fietsen opnieuw schoongemaakt, gewaxt en gestald onder de overkapping. Na de dodenherdenking duiken we vroeg ons bed in. Dag 5. Arcen – Cuijk | 84 km | 437 hm | 4:17 uur Wanneer we wakker worden, horen we de regen al tegen de ramen tikken, hondenweer. Gelukkig hebben we geen haast, deze laatste dag staan er niet al te veel kilometers op de planning. Tijdens een uitgebreid ontbijt stellen we het vertrek nog heel even uit. Met de gastvrouw wisselen we verhalen uit over misgelopen relaties, werk en kinderen. Ze blijkt de moeder van een van de meest leuke boer zoekt vrouw deelnemers, Frank, de geitenboer (seizoen 2010/2011). Inmiddels is hij, helaas voor mij, een gelukkig man en vader van een dochter. Het is hoog tijd, nog één laatste etappe voordat we weer terug zijn in Cuijk. Voor de laatste keer hijsen we de tassen op de fietsen en vertrekken we richting het noorden. De eerste kilometers zijn best nat en fris. Het miezert gestaag door, maar we worden snel warm van het trappen. Als de miezerregen ophoudt blijft de lucht wat grijs, maar het ergste lijkt achter ons te liggen. De ondergrond denkt daar anders over, de vele onverharde paden liggen er nat bij en de modder spat enthousiast tegen onze benen, schoenen en fietsen aan. Binnen de kortste keren zien we eruit alsof we de afgelopen dagen helemaal niets hebben schoongemaakt. We rijden door het prachtige Nationaal Park Maasduinen. De afwisseling van bossen, heide en zandige paden maakt ook deze laatste dag weer bijzonder. Het landschap voelt anders dan het Zuid-Limburg van een paar dagen geleden. Minder heuvelachtig, maar minstens zo mooi. Misschien kijken we vandaag nog wel bewuster om ons heen omdat we weten dat het avontuur bijna voorbij is. We passeren het kasteel Bleyenbeek uit de 14e eeuw, of althans dat wat ervan over is na een verwoestend bombardement in 1945. Onderweg warmen we op met een kom uiensoep en trekken we droge kleren aan. Even zitten, de handen om een warme mok en nagenieten van alles wat we de afgelopen dagen hebben gezien. Van de Groote Peel tot de Maasvallei, van de Sint-Pietersberg tot het Drielandenpunt en de uitgestrekte Duitse bossen. Vijf dagen lang waren we vooral bezig met fietsen, eten, slapen en genieten. De laatste kilometers vliegen voorbij. Bij Mook worden we op het eind nog verrast door een kleine omleiding, maar inmiddels maakt dat weinig meer uit. We zijn ontspannen, hebben tijd genoeg en weten dat de finish dichtbij is. Wanneer we Cuijk weer binnenrijden, voelt dat ook vreemd. Alsof we veel langer weg zijn geweest dan vijf dagen. Op de parkeerplaats staat de Mini geduldig op ons te wachten. De fietsen gaan weer achterop, de bikepacktassen in de achterbak en we kleden ons om. Daarmee komt een einde aan ruim vijfhonderd kilometer gravel, bospaden, grensovergangen, klimmetjes, afdalingen, vergezichten, veel koffie, vlaai en mooie ontmoetingen. Moe, vies, maar vooral ontzettend gelukkig en tevreden rijden we naar huis. Episch Limburg deed zijn naam méér dan eer aan!